Stokstaartje (Suricata suricatta)

Een stokstaartje leeft in sociale groepen met een duidelijke taakverdeling. Teamwork is de sleutel tot het succesvol overleven in een moeilijke omgeving zoals de Kalahari woestijn. Hoewel een stokstaartje uiterlijk lijkt op een kruising tussen een halfaap, een hond en een wasbeer, is hij eigenlijk een mangoeste ter grootte van een haas. Hij staat bekend als bewaker van de woestijn waar hij ook andere dieren voor gevaar waarschuwt. Stokstaartjes zijn zowel jagers als prooi.

  • Orde: Roofdieren.
  • Familie: Sluipkatten.
  • Geslacht & soort: Suricata suricatta

Stokstaartje

Waar leeft een stokstaartje?

Stokstaartjes komen voor  in Zuidelijk Afrika, voornamelijk ten zuiden van de oranje rivier, in Angola, Namibië, Zuid-Afrika en in het zuiden van Botswana. Het stokstaartje is niet in gevaar, hoewel het bestand door het verloren gaan van leefgebieden kleiner is geworden. Mogelijkerwijs zijn de gevolgen van de voortschrijdende beperking van hun leefgebied in de komende jaren te merken is.

Leefomgeving

Stokstaartjes leven uitsluitend op droge, open vlaktes en halfdroge bushland van Zuidelijk Afrika. Ze mijden bossen en dichte vegetatie. Overdag delen ze de woestijn met grondeekhoorns, hagedissen en schorpioenen terwijl roofvogels hoog boven hen in de lucht cirkelen. Als de nacht valt, trekt het stokstaartje zich terug in zijn netwerk van ondergrondse gangen die hij met zijn krachtige voorpoten gegraven heeft. Afhankelijk van de bodemgesteldheid kan hij gangen graven die tot drie meter diep gaan. Soms moet hij de gangen delen met andere dieren zoals grondeekhoorns of de rode meerkat. In rotsige omgevingen maken aardmannetjes hun holen in rotsspleten.

  • Gedrag: hoog ontwikkeld sociaal gedrag, leeft in kolonies tot ongeveer 30 dieren.
  • Geluid: kwetteren, trillen, knorren of blaffen, afhankelijk van de situatie.
  • Voedsel: van alles, maar hoofdzakelijk insecten, schorpioenen en hagedissen.

Een typisch stokstaartjes kolonie

‘Babysitters’ verzorgen de jongen die onder hun hoede staan altijd in de buurt van het hol.

‘Wachtposten’ zoeken de horizon af naar mogelijke roofdieren.

‘Jagers’ graven naar voedsel waarvan een deel aan de jongen gegeven wordt.

‘Leraren’ brengen jonge dieren het jagen bij.

Wat eet een stokstaartje?

Stokstaartjes voeden zich voornamelijk met insecten, spinnen, en slakken, maar verschalken ook knaagdieren, op de grond genestelde vogels en hun eieren, hagedissen en andere kleine dieren. Soms durven ze ook de strijd tegen schorpioenen en slangen aan. Daarnaast eten ze de scheuten, knollen en wortelen van bepaalde planten. Het stokstaartje is een ijverige wroeter die op zoek naar prooidieren veel zond opwervelt. Hij wordt daarbij door zijn scherpe neus geleid, en graaft zich een weg door het zand. Als hij het prooidier in het vizier krijgt, slaat het stokstaartje met zijn scherpe klauwen aan de voorpoten toe voordat hij het dier met een beet doodt.

Belangrijke kenmerken

  • De lengte van het stokstaartje is 50 cm van kop tot staartpunt.
  • Gewicht: 900 g.

Over de voorplanting

Het ‘huwelijk’ is bij stokstaartjes een onstuimige aangelegenheid. Bij het begin van de paartijd stoot het vrouwtje het mannetje weg, maar hij bijt zich letterlijk in haar vast door haar in de nek te pakken, waarna de paring volgt. Na een draagtijd van elf weken, komen diep in het nest de blinde en kale baby stokstaartjes ter wereld. Enkele dagen later worden ze al gespeend, en de moeder verlaat het hol om met de andere dieren op jacht te gaan naar voedsel. Haar plaats wordt ingenomen door een babysitter in ‘ploegdienst’. Zodra de volwassen dieren in het hol terugkeren brengen ze ook voer voor de jongen mee. Na drie weken verlaten de jongen het nest, in het oog gehouden door de bewakers. De moeder maakt haar jongen vertrouwd met allerlei ongewone voeding die ze in haar bek draagt tot de jongen het daar wegkapen. Op de leeftijd van twee maanden zien de jonge stokstaartjes er al als miniatuuruitgaven van hun ouders uit.

  • Geslachtsrijp: met 12 maanden.
  • Paartijd: het hele jaar.
  • Draagtijd: 75 dagen.
  • Aantal jongen: 4 tot 5.

Het gedrag van stokstaartjes

Stokstaartjes zijn de meest sociale van alle mangoestesoorten en leven in kolonies met soms meer dan twintig dieren. De groep werkt als team samen, waarbij elk aardmannetje een speciale taak heeft die het nut van het algemeen dient. Als ze ‘s morgens uit hun hol komen om zich in de zon op te warmen, stelt de groep zo snel mogelijk een wachtpost op die op de uitkijk staat voor roofdieren. Dit dier staat op een verhoging zoals een boomtak om bij het minste of geringste gevaar een blaffende alarmkreet te laten horen. Gealarmeerd vlucht dan de hele groep tegelijkertijd zo snel mogelijk de holen en gangen binnen.

Vijanden

Als stokstaartjes een vreemde groep of een roofdier zoals de Kaapse wolf tegenkomen, gaan ze vaak allemaal samen als gekken in de grond graven, kennelijk alleen om stofwolken op te wervelen die de vijanden moeten afleiden. Soms ook dringen ze dicht tegen elkaar aan om met opgezette haren als groep schijnaanvallen op de indringer te doen. Een stokstaartje maakt zich in een dergelijk gevecht zo groot een vreesaanjagend mogelijk: hij strekt zijn poten uit, rekt zijn lijf, houdt zijn staart kaarsrecht omhoog en houdt zijn kop laag. Het hoogtepunt van dit schouwspel is nabij als de hele groep in de lucht springt en agressief knort. Als de indringer hardnekkig blijft, doen de moedigste stokstaartjes met dreigbewegingen net alsof ze hun vijand in het gezicht spugen of zelfs willen bijten. Als een aardmannetje in de verdediging gedrongen wordt, werpt hij zich op zijn rug, ontbloot zijn tanden, en strekt zijn scherpe klauwen voor zich uit.

Verwante soorten van het stokstaartje

De grijze meerkat, (Paracynictis selousi) is iets groter en heeft een witte staartpunt.

Wist je dit?

  • Stokstaartjes kunnen tegen schorpioenensteken en slangenbeten die met hun gif een mens kunnen doden.
  • Een volwassen stokstaartje kan in enkele seconden zijn eigen gewicht aan zand verplaatsen.
  • Jonge stokstaartjes worden in één nacht volwassen. De ene dag bedelen de jonge stokstaartjes om voer, de andere dag dienen ze mee te helpen de jongen te voeren die nog maar net gespeend zijn.
  • De groepssolidariteit maakt het aardmannetjes mogelijk om dieren die veel groter zijn dan zijzelf te verjagen.